22-2012-wiebelaar

De Wiebelaar

Regelmatig kom ik hem tegen bij onze buurtsuper. Een man van in de vijftig. Hij draagt een grote, grijze baard, plus een Zeeman broek en jack, en een boodschappenmandje met vrijgezellige dingen. Een pak melk. Een kant en klaarmaaltijd. Een halfje volkoren.
Niks bijzonders, totdat je blik hem langer volgt. Dan zie je hoe – steeds weer- zijn tred plotseling stokt. Hij wiebelt naar voren alsof hij iets van de grond wil oprapen, maar er ligt niets.

Rolstoeler op een feestje

Een collega nodigde me uit voor haar House Warming party. ‘Je kunt er in’ zei ze.
‘Eerst zien’ dacht ik, omdat ik met voordeuren slechte ervaringen heb. Als er één hoge drempel is, lukt het nog wel. Maar met twee drempels vlak achter elkaar, wordt het moeilijk. Je kleine voorwieltjes, òf de grote achterwielen, blijven steken.

24-2012-overwerkte-serveerster

Overwerkte serveerster

Karin is 52 jaar en langdurig werkloos. De Sociale Dienst heeft haar nu in vrijwilligerswerk gemanoeuvreerd. ‘Dat vergroot uw kansen op een baan’ zeiden ze, maar daar merkt ze niks van. Dagelijks rent ze gratis de benen uit haar lijf met werk dat eerst door twee betaalde krachten werd gedaan. En dan ook nog de tijdvretende bewoners die één gevulde koek kopen, als excuus om een praatje te kunnen maken. Het zweet loopt over haar rug.

25-2012-eenzaam-sterven

Eenzaam sterven met eigen regie

Een paar jaar geleden kreeg hij kanker. Eerst knapte hij op, later viel hij terug, knapte weer op, viel verder terug. Verving zijn auto voor een scootmobiel. Daar kon hij niet zo goed mee overweg. Hij ontwrichtte altijd wel ergens een regenpijp. De buurt mopperde, maar daar had hij lak aan.

Toen hij geen auto meer had, kon hij dankzij het ‘ruimhartige’ vervoerssysteem van de gemeente voor gehandicapten nog slechts twee keer per jaar naar zijn vriendin. Hij werd steeds eenzamer, maar leek er goed tegen te kunnen. Zijn tv, borreltje en kaartclub waren genoeg.